Bladmineerders

bladmineerders bladmineerders bladmineerders

Een veel voorkomende plant, ook in de duinen, is de Grote klis. Op de bladeren van de Grote klis zijn vaak mooie sporen waar te nemen. Deze sporen, die we mijnen noemen, worden gemaakt door een bladmineerder. De bladmineerder is een larve van een insect. De larve baant zich al etend een weg door het blad, deze bijzondere mijnen achterlatend.

Doordat de larven een voorkeur hebben voor een bepaalde plant, de waardplant, en de vorm van de mijn ook typerend is voor de larve van een bepaalde soort, zijn de larven goed te determineren. Een zeer uitgebreide website over bladmineerders is www.bladmineerders.nl

De vier hoofdgroepen van bladminerende insectenlarven zijn vliegenlarven (Diptera), bladwespenlarven (Hymenoptera), vlinderlarven (Lepidoptera) en keverlarven (Coleoptera).
Het vrouwtjesinsect zet haar eieren af op het blad en ook de plaats op het blad is kenmerkend voor de soort insect. Een aantal bladwespen zet bijvoorbeeld hun eieren af in de bladrand.
Het begin van de bladmijn is duidelijk smaller als het einde van de bladmijn, immers de larve groeit gestaag tijdens zijn tocht door het blad. Aan het uiteinde van de mijn is vaak een beschadiging (bruine plek met een gaatje) waar de larve uit het blad is gekropen om zich te gaan verpoppen. In de bladmijn zijn met een loep zwarte stippen te zien, dit zijn de uitwerpselen van de larve.

Martien Blanken