Verslag: Op stap in de Maneswaard

Op 19 juli stapte ik met vier IVN leden afkomstig uit Doesburg, Nijmegen, Wageningen en Bennekom door de Maneswaard bij Opheusden aan de Nederrijn.

Vanwege corona was de publiciteit beperkt gehouden. De bekendmaking op de landelijke site leverde zes aanmeldingen op, waarvan er zich weer twee op het laatst afmeldden. Uit voorzorg zijn telefoonnummers en namen van deelnemers genoteerd en bewaard. Nu niet vergeten om deze over twee weken te deleten. Het afstand houden lukt met deze kleine groep vrij goed, ondanks de smalle struinpaden in het begin van de route. Mijn conclusie is dan ook, dat bij het bepalen van het maximaal aantal deelnemers, rekening gehouden moet worden met de toegankelijkheid van het terrein. Ik denk dat 9 deelnemers in de Maneswaard wel het maximum is.

Geen van de deelnemers is bekend met het gebied en niemand heeft haast, dus we lopen op ons gemak het rondje. Voor mij zijn er ook elk jaar weer verrassingen. Zo ook dit jaar.

Op veel plekken woekerde het Groot warkruid welke zelfs de bekende woekeraar de Akkerdistel eronder kreeg.

De eerste twee strekdammen die je lopend vanaf het Veerhuis tegenkomt zijn pareltjes vanwege de grote diversiteit aan bloeiende planten. Te veel om op te noemen.

Dit is aan de Waal wel anders. Daar zijn de strekdammen wat aan de kale kant. Verderop in de Maneswaard grazen schapen. Dat is aan de vegetatie goed te zien. Kennelijk houden ze wel van kruidige planten. Tenzij deze stekels hebben natuurlijk, zoals de Akker-, Krul- en Speerdistels die hier massaal in bloei staan. Verder een verdwaalde Kattendoorn. Tot mijn verrassing staan er enkele witbloeiende exemplaren tussen.

Maneswaard2

Thuis de flora erop nageslagen en inderdaad, soms zijn de bloemen wit. Heb ik dat ook eens gezien.

De plantensoorten die groeien op de strekdammen langs de rivier verschillen van de soorten die we zien langs de ondiepe kleiputten, de zandplas met zand en kiezelstranden, en in en rond de oude rivierstrang. Die laatste is de derde plas op onze route en de omstandigheden (o.a. waterkwaliteit) maken dit de enige plek waar we de Krabbescheer kunnen bewonderen.

Ook de insectenwereld zet op deze zonnige dag haar beste beentje voor. Het gonst rondom de distels van de bijen en diverse soorten hommels. De juffers zweven tussen de grashalmen en de libellen scheren over de wateroppervlakte van de kleiput. Vlinders fladderen langs de dijk met als bijzondere waarneming het bruine blauwtje.

Na twee en een half uur ontspannen in de natuur, kan de gids zijn verhaal afmaken met de waarschuwing om thuis op teken te checken. Alsof de corona dreiging nog niet genoeg is. 

Will bemelmans