IVN'ers aan het woord

Ter gelegenheid van ons 40-jarig jubileum zijn we een serie interviews begonnen met actieve leden uit de vereniging.

Lees hieronder wat die over IVN-NMA, de natuur en veel andere zaken te vertellen hebben!

In gesprek met Wybren Jouwsma

door Joke Regouw

IVN-NMA

Opgegroeid op het Friese platteland. Met vakanties op de boerderijen van ooms en tantes, nu wonend in een woonboerderij op de grens van Lochem en Vorden. Altijd temidden van de natuur. Waren het indertijd vooral de weidevogels die hem boeiden, nu zijn het met name de wilde planten en de reeën die hem aanspreken.

Een gesprek met Wybren Jouwsma gaat over natuur. Met af een toe een zijpaadje naar zijn werk.

Als hij eenmaal op zijn praatstoel zit, is hij bijna niet te stoppen. Want Wybren is een echte verhalenverteller.

Maar goed, ons gesprek moest gaan over IVN. Hoe het zo gekomen was, dat hij lid werd in 1995. Wat hij allemaal in verenigingsverband heeft gedaan en wat tips voor de toekomst.

Het begin

Terug naar het begin. Na de mulo werd het in één stap de HTS in Leeuwarden. Met in het broedseizoen onderweg naar school of op de terugweg even een pauze om kievitseieren te zoeken. Ljipaaisykjen. Heel gewoon in die tijd. Nog steeds kent Wybren de weidevogels het beste bij hun Friese namen. Korte stages bij de Hoogovens en later in de mijnen. Vervolgstudie in Eindhoven. Eredoctor in Delft.

10 jaar heeft hij in Veenendaal gewoond. In 1981 kwam de Achterhoek in beeld. Daar startte Wybren samen met een collega een eigen bedrijf. Via Vorden en Lochem werd het uiteindelijk Ruurlo. Je kan het niet missen als je bij het station bent. Bronkhorst!! Met om het pand een, zoals hij het noemt, IVN tuin. Wilde bloemen en planten en een wadi.

Het bedrijf groeide en groeide en Wybren reisde de hele wereld af. Was soms meer weg dan thuis. En toch.. Het was zijn vrouw die hem op een gegeven moment attendeerde op een bericht in de Berkelbode, of hoe het plaatselijke blad toen ook moge heten. De IVN-gidsencursus zou weer starten en het zou toch goed zijn om ook naast het werk en met het oog op de toekomst iets anders dan alleen maar werk als interessegebied te hebben.

Opfriscursus

En zo is het gekomen dat Wybren IVN-lid werd. Voor hem was het eigenlijk een opfriscursus, wan hij wist al zoveel over de natuur. Indertijd was er bijzonder veel animo voor een dergelijke cursus. Er waren soms wel 30 gegadigden. Natuurlijk vielen er wel mensen af, maar de interesse was groot. In samenwerking met Zutphen kon altijd wel een klas gevuld worden. Die cursussen werden toendertijd geheel in eigen beheer gegeven. Elke dinsdagavond theorie in Barchem, en zaterdag op pad. Anderhalf jaar lang. Stages bij de verschillende werkgroepen. Over vogels, paddestoelen, verenigingsavonden enz. Het was en is nog steeds een hechte groep.

Landschapsbeheer

Na de cursus nodigde Kees Munsterman Wybren uit bij de werkgroep landschapsbeheer te komen. Enige tijd later werd hij gecharterd om die werkgroep zelf onder zijn hoede te nemen. Hij werd ook gids en verzorgt sinds jaar en dag de wandelingen over het Grote veld (of Groote veld zoals hij nog steeds zegt en schrijft) en het arboretum.

Kennis vergaren en kennis overdragen. Het zit in zijn bloed. In de jaren 90 gaf hij al les aan kinderen en hun ouders op de basisschool. Nu is het een hele uitdaging om aan alle eisen van de Arbowet en de veiligheidsvoorschriften te voldoen. En om dat allemaal te documenteren met instructiebladen. Veilig werken was met de landschapsploeg altijd vanzelfsprekend, maar het moet ook op papier staan. Ook anderen moeten daarmee uit de voeten kunnen. Zoals bijvoorbeeld bleek toen Wybren voor lange tijd zelf niet op zijn benen kon staan, omdat hij van een ladder was gevallen. Boompjes uit de hei trekken, wilgenknotten en hoogstamfruitbomen snoeien en daarover adviseren. Dat zijn tegenwoordig de kernactiviteiten van de werkgroep landschapsbeheer. Per keer zijn zo’n 15 mensen actief; de hele ploeg is het dubbele.

Nog een paar tips

De eerste IVN tip komt voorbij: landelijk, of desnoods plaatselijk, zou er een regeling moeten zijn voor de bekostiging van de studieboeken. Die zijn prijzig.

En de tweede tip heeft ook met de nieuwe gidsen te maken: zorg dat je mensen vasthoudt, als ze eenmaal de cursus hebben gedaan.

Wybren is en blijft een techneut. Hij beloofde ook een grondwatermeter met vlottersysteem voor de natuurtuin. Komt af, zegt hij geruststellend.

Als grootste verschillen tussen toen en nu ziet Wybren de toenemende belangstelling voor de natuur. Met een grotere bewustwording van het belang van insecten en vogels. Ook bij de gemeenten. Daar ligt meteen een mooie taak voor het IVN als educatieve organisatie.

Naast het landschapsbeheer was Wybren ook nog eens twee jaar voorzitter, in een duobaan met Teun Beumer. Maar dat was te veel naast het reguliere werk. Eens per jaar kascontrolecommissie, dat was te doen.

Voor de toekomst wenst Wybren onze IVN een nog grotere zichtbaarheid toe. Zeker met het oog op het jubileumfestival in september. En het mag ook wel wat luchtiger!!

 

In gesprek met Ettie Segers, over toen en nu

door Joke Regouw

Om te lezen IVN-NMA

Het had niet veel gescheeld, of we waren elkaar al zo’n 50 jaar geleden in Rijswijk tegengekomen. Als geboren Arnhemse verkaste Ettie naar het westen, om daar aan de eerste (en tevens laatste) tuinbouwschool voor meisjes haar opleiding te volgen. Als twintigjarige vertrok Ettie vervolgens met een lelijke eend naar Frankrijk voor een stage van een jaar. René en ik zijn juist rond die tijd in Rijswijk komen wonen. Op ‘Huis te Lande’ in Rijswijk is zo voor Ettie de kiem voor haar latere IVN-werk gelegd.

IVN lid

Na Frankrijk en een kort werkverband bij een bank werden het champignons, waar Ettie je alles over kon vertellen. Op de Floriade in Amsterdam bemande ze daarover in de zomer van 1972 een paviljoen. Het werd de drukst bezocht  tuinbouwtentoonstelling ooit. Het was hier dat Ettie voor het eerst in contact kwam met IVN’ers. Die stonden daar ook en kregen zelfs vier paviljoens na afloop van de tentoonstelling. Er was een winkel, een tentoonstellingsruimte, een vergaderzaal en een magazijn. Ettie werd lid en volgde met heel veel plezier de gidsenopleiding – het was inmiddels 1976 -. Toen kon zij ook rondleidingen geven in het Jac.P.Thijssepark - feitelijk een langgerekte heemtuin - in Amstelveen.

Terug naar het Oosten

Maar Ettie wilde ook weer aan het werk in haar vak. Via via kwam ze als leerkracht terecht bij de Stichting voor Huishoudelijke Voorlichting ten Plattelande (HVP) in Lochem. Ze gaf huisvrouwen les in bloemschikken, milieuvriendelijk tuinieren, en leerde hen alles over kruiden, groenten en fruit.

In Lochem kwam Ettie in contact met een paar andere import IVN’ers. Mensen met een groen hart, vol enthousiasme, maar zonder bestuurlijke ervaring. Samen richtten ze de ‘IVN, Instituut voor natuurbeschermingseducatie Lochem en omstreken’ op. Een start zonder draaiboek en zonder landelijke steun. Ook de gemeente had een groen hart en gaf de nieuwe afdeling een paar afgeschreven leslokalen in Laren in gebruik. Met vallen en opstaan en heel veel inzet ging men aan de slag. Het gebouw werd opgeknapt en er werd een eerste cursus gegeven. Ook was er net als in Amsterdam een tentoonstellingsruimte voor bezoekers. Maar verder dan die eerste groene cursus is het in Laren nooit gekomen. Te veel werk voor te weinig mensen.

Nieuwe wegen

Hoe nu verder? De paar leden werden overvraagd en wilden zelf eigenlijk ook te veel. Ideeën genoeg, maar welke keuzes maak je. Het was chaos in die beginjaren, aldus Ettie. Dat overvragen van een paar mensen ziet zij  trouwens ook nu nog. IVN’ers zijn doeners en willen eigenlijk te veel. De organisatorische kant vinden ze minder boeiend. Gelukkig zijn er uiteindelijk altijd wel weer een paar mensen voor ook die klus te vinden.

De natuurtuin kwam op het pad van die eerste IVN’ers. Een centrum voor educatie voor de Lochemse schooljeugd. Maar er werd meer gedaan: er kwam een zadenbank, met als gevolg dat Ettie in de loop der jaren samen met haar werkgroep duizenden zakjes zaad vulde en verkocht.

Maar de eerste IVN’ers keken verder dan de Achterhoek. Ze waren ook een actiepartij, die in opstand kwam tegen de kap van en voor het planten van bomen in Bolivia. Een Novib project werd ondersteund met een groots festival. Veel mensen in de organisatie, veel mensen die spullen gaven en zeker 80 mensen kwamen kijken. Een ongekend succes in die tijd.

Een deel van dat succes verklaart Ettie door er op te wijzen dat er toendertijd veel minder evenementen waren. Nu kan je elk weekend wel ergens heen en via internet vind je alle info die je hebben wilt.

Een vast stramien

Inmiddels volgt ons IVN een vast stramien: we hebben cursussen, verenigingsavonden, de wandelingen, de natuurtuin, landschapsbeheer en kiwi. Met enthousiaste mensen en toenemende aantallen leden. Een beetje van de schwung van het begin zou Ettie echter wel leuk vinden.  Maar daar heb je wel enthousiastelingen met veel tijd voor nodig.

Donateur of lid worden

Jarenlang sprak het vanzelf, of was het zelfs verplicht, om als IVN lid ook actief te zijn, zo vertelt Ettie. Niet in de zin van meeloper bij wandelingen of bezoeker van verenigingsavonden, maar als gids, klusjesman/vrouw, werker in de natuurtuin etc. Had je iemand nodig, dan werd de ledenlijst geraadpleegd. Als leden wel betrokken, maar niet echt actief wilden of meer konden zijn, werd geadviseerd om maar donateur te worden. Dat leverde de afdeling ook nog eens meer geld op. Ettie ziet dat dát in de loop der jaren veranderd is. Ook minder actieve leden kunnen zeker lid worden en blijven. Het is naar haar idee dan wel handig om vast te leggen welke leden wat zouden kunnen doen en waar de interesses liggen.

Nog een paar tips

Aan het eind van ons gesprek heeft Ettie nog een paar tips.

Probeer meer samen te werken met andere organisaties en profiteer ook van hun kennis en ervaring. Denk aan natuurmonumenten met zijn rondleidingen, de bomenvereniging met zijn kennis van monumentale bomen, de vogelwerkgroep, die nu al de vroege-vogel-cursus verzorgt, de roofvogelwerkgroep die uilen ringt en kinderen laat mee kijken etc.

Proeven, ruiken, voelen

IVN heeft een voorbeeldfunctie, moet wegwijzer zijn en mensen enthousiasmeren. Dat is de kerntaak van het IVN. Het gaat om natuureducatie: wat proef je, wat ruik je en wat voel je. En dat geldt niet alleen voor kinderen, maar zeker ook voor volwassenen.