Instituut voor natuureducatie en duurzaamheid

Cronesteyn, polderpark

Dit is het grootste park van Leiden, met 6 kilometer wandelpad, 5 kilometer fiets- en skeelerpad, een ruiterpad en een waterspeelplaats met waterpompen en houten vlotten.
Het polderpark heeft een eigen website: http://www.polderparkcronesteyn.nl/

Een park in een polder: er grazen koeien, groeien gewassen, wandelen mensen en er spelen kinderen. Op het eerste gezicht heel ‘gewoon’. Wie verder kijkt weet wel beter. Polderpark Cronesteyn is niet alleen de moeite waard omwille van het landschap, het is ook een historisch monument. Zo hebben de Romeinen hier, aan de rand van hun Rijk, heel wat sporen achtergelaten. In de Middeleeuwen en nog lang daarna werd de polder gedomineerd door een imposant kasteel, thuishaven van beurtelings edelman en rijke stedeling. Hiervan resten alleen nog de fundamenten op het eiland in het Landgoedbos.
Op een steenworp afstand van dit kasteel lag tijdens de roemruchte belegering van Leiden door de Spanjaarden de schans Lammen. Deze fortificatie speelde een belangrijke rol bij het ontzet van de stad op 3 oktober 1574.

Het ontwerp van het park van Evert Cornet ging uit van het behoud van het bestaande polderkarakter met extra elementen om diverse vormen van natuurgerichte recreatie mogelijk te maken. Door het beheer zou de flora en fauna gevarieerder worden dan zoals we die kennen van polders uit de vijftiger jaren. Waarschijnlijk is Leiden nog steeds uniek in Nederland met deze opzet van het polderpark.

Vogels in Cronesteyn
In Polderpark Cronesteyn broedt een veertigtal vogelsoorten.
Het leuke van Cronesteyn is de variatie aan terreinen op een betrekkelijk kleine oppervlakte. Elk van die terreinen vormt een bepaalde biotoop waar je alleen bepaalde planten en diersoorten aantreft. Er is weidegebied met broedgevallen van kieviten, meerkoeten en scholeksters, maar ook van de zeldzamer wordende Grutto en Tureluur. Er is een stukje bos rondom de slotgracht van het voormalige slot Cronesteyn. Daar tref je de typische bosvogeltjes aan: Roodborst, Koolmees, Boomkruiper, Pimpelmees en Winterkoning. Soms wordt er ook een Bosuil gesignaleerd. Vaak betekent dit gehoord, want bosvogels hoor je in veel gevallen eerder dan dat je ze ziet.
Een heel klein stukje van de polder bestaat uit nat grasland. De grond is zompig en daardoor groeien er bijzondere planten. En er is een klein kraagje riet. Toch zien er elk jaar enkele paren van typische rietvogels als rietgorzen en kleine karekieten kans om er nesten te bouwen. Ook dit laatste vogeltje zie je niet vaak, maar je hoort hem onophoudelijk zijn eigen naam zingen: karre kiet, karre karre kiet.
Een ander broedgeval is de Groene specht. Je herkent deze vogel aan zijn spottende lach, die een beetje klinkt als een hinnikend paard.
En dan is er natuurlijk nog de kolonie blauwe reigers. De grote takkennesten, hoog in de bomen, zijn in het voorjaar goed te zien. In het Reigersbos zitten er elk jaar zo'n 50 tot 60 paar.
De Vogelwerkgroep Cronesteyn inventariseert al sinds 1984 welke vogels er broeden in dit Polderpark.

Op de website www.detuinvandesmid.nl is meer info te vinden over de nieuwe uitbater van het voormalige bezoekerscentrum. Het is nog wel uitvalsbasis voor IVN-activiteiten en er zijn ook nog tentoonstellingen van het IVN.
U kunt een folder over het polderpark (inclusief plattegrond) downloaden: Folder Cronesteyn >>>>
De organisaties die actief zijn binnen Cronesteyn zijn het IVN, Vereniging Vrienden van het Polderpark Cronesteyn, Natuurmonumenten, Imkersvereniging Leiden en de Stochemhoeve met camping.