IVN Nuenen
Vogels
maandag20dec2021

Gefladder: Nestplaatsen

Roy van der Velden, coördinator van de Vogelwerkgroep, schrijft regelmatig een column over vogels.

Vogels broeden soms op de meest onverwachte plekken. Zo vond een van onze vogelaars eens het nest van een roodborst in de brievenbus. Ook fietstassen zijn voor deze mooie vogeltjes niet veilig. En als die op je fiets zitten, wordt het knap ongemakkelijk om je fiets te gebruiken.

Veel soorten bouwen hun eigen nest, maar er zijn er ook die gebruikmaken van nesten die door anderen verlaten zijn. Je ziet dat veel bij roofvogels. Zij maken vaak gebruik van verlaten kraaiennesten. De boomvalk is daar een goed voorbeeld van. Die nestelt graag in de door kraaien gebruikte nesten in bijvoorbeeld hoogspanningsmasten. Voor de jongen is dat geen probleem. Die verlaten het nest pas als ze eenmaal echt kunnen vliegen.

Ook nijlganzen maken graag gebruik van oude kraaiennesten in hoogspanningsmasten. De jongen van die soort (foto) hebben wel een probleem. Nijlganzen verlaten, net als veel andere boombroedende eenden- en ganzensoorten, het nest vrijwel direct nadat ze uit het ei zijn gekropen. Het jong laat zich dan uit het nest op de grond vallen. Je kunt je voorstellen dat het nogal een verschil maakt of je dan van drie meter uit een boom of van vijftig meter hoogte van een hoogspanningsmast valt. Wonder boven wonder overleven de meeste kuikens de val probleemloos. Blijkbaar zijn zij nog zo soepel dat ze ongedeerd terecht komen.

Het brandgansjong is ook zo’n kamikazekuiken. In de broedgebieden in de buurt van de Noordpool laten deze zich naar beneden vallen van steile rotskliffen. Poolvossen en andere predatoren weten dat en wachten geduldig tot het voedsel bijna letterlijk hun mond in springt. Dat klinkt hard, maar het is nou eenmaal hoe de natuur werkt.

Boomklevers maken dan weer graag gebruik van oude nesten van spechten. Spechten zijn een stuk groter en dus is er voor de boomklever direct na het in gebruik nemen van het nest werk aan de winkel. De invliegopening moet kleiner worden gemaakt. Boomklevers doen dat door het gat met modder dicht te metselen. Het gat wordt zo klein gemaakt dat ze er nog net in en uit kunnen vliegen. Dezelfde tactiek wordt ook in de tropen gebruikt door neushoornvogels. Alleen metselt het mannetje daar het gat zover dicht dat het vrouwtje er niet meer uit kan. Het mannetje voert het wijfje de gehele broed- en broedzorgtijd. Pas als de jongen op het punt van uitvliegen staan, maakt het mannetje het dichtgemetselde gat open. Predatoren hebben zo geen kans om bij de jongen te komen als deze nog kwetsbaar zijn.

Nesten zijn vaak hele mooie kunstwerkjes. Ga maar eens op zoek naar het nest van de staartmees. Als je het ziet, vind je een klein bolletje van mos met een heel kleine opening. Ook het nest van de buidelmees is heel bijzonder. Een in het riet geweven nestje van mos, gras en veertjes hangt als een buideltje tussen een paar rietstengels.

Het is al bijna weer voorjaar. Een mooie tijd om op zoek te gaan naar alle mooie bouwsels die vogels maken.