Historische stadswandeling met straatplantjes

Door Ton van Rossum

Wat een leuke combinaties, was de reactie van een van de twaalf deelneemsters na afloop van de excursie op 17 september. Daarbij doelde ze niet op Liesbeth Sikken en mij, maar op het kijken naar straatplantjes op de route van de Markt naar de Mallegatsluis in Gouda en het geven van informatie over historische gebouwen en straten. (Of was het andersom)     Na afloop gingen er stemmen op om zo’n excursie volgend jaar weer te doen. Dat wordt dan het derde achtereenvolgende jaar. Het begint op een heuse traditie te lijken. Gouda heeft in ieder geval genoeg historische plekken en straatplanten groeien overal, zodat een nieuwe route geen probleem hoeft te zijn.                                                                                                

Deze keer werden we aangenaam verrast door een van de deelneemsters, bewoonster van een heel bijzonder stukje binnenstad. Een plek die alleen voor bewoners toegankelijk is: de tuin achter de Gouwe Kerk.  Als bewoonster beschikt zij over de sleutel van de toegangsdeur tot de tuin, zodat we daar een kijkje konden nemen. Een tuin met natuurlijk ook diverse onkruiden als perzikkruid, bastaardwederik, gele helmbloem, straatgras en muursla. Vanaf de voorkant van de kerk aan de Hoge Gouwe heb je  geen idee van het aantal woningen in een voormalige school, pastorie en andere bijgebouwen achter de kerk. Een bijzondere plek in hartje stad waar de rust vanaf straalt.                                                                      

Bij de kades van de Gouwe, bewonderden we muurvarens en muurleeuwebekje en verderop bij de kade in de Peperstraat steenbreekvaren en de wolfspoot een plant met voorkeur voor natte, voedselrijke plekken. De steegjes tussen Peperstraat en Keizerstraat geven een mooi beeld van de verdichting van de binnenstad in de 14de eeuw. Tussen straatstenen en in overgeschoten hoekjes zagen we tal van onkruiden: gehoornde klaverzuring, muursla, knopkruid, canadese fijnstraal, melkdistel, akkerkool, klein kruiskruid en levermos.                           Stinkende gouwe werd op meerdere plekken tijdens de wandeling aangetroffen. Middeleeuwse alchemisten geloofden heilig dat van het “goudgele” melksap goud kon worden gemaakt. De alkaloïden in het melksap hebben een antibacteriële werking en remmen de celdeling. De toepassing van het melksap tegen wratten heeft daarmee te maken. Een van de deelneemsters probeerde het meteen uit en nam zich voor de kuur af te maken.                                                                                                                

Na anderhalf uur bereikten we de Mallegatsluis. Een mallegat was een water waar men wel in, maar niet door kon varen, wat het geval was vóór hier een sluis omstreeks 1398 werd aangelegd en men daarna door kon varen naar de Hollandse IJssel.                                                                                 Hier eindigde de wandeling van nog geen kilometer met verhalen over allerlei wetenswaardigheden en een diversiteit aan aangetroffen “straatplantjes”. Overige waarnemingen: paardenbloem, beklierde nachtschade, grijskruid, kleine brandnetel, vogelmuur, heermoes. (Met dank aan Antoinette van Dongen voor het vastleggen van de waarnemingen)