Oeverzwaluwwand in Beers

Over de Kraaijenbergse plassen vliegen elk jaar weer vele oeverzwaluwen. In volle vlucht en laag over het water vliegend, vangen zij vliegende insecten. Ook broeden ze in dit gebied. Oeverzwaluwen maken van nature een nesthol in kale zandige of lemige steilwanden. In deze nestgang worden de eieren gelegd en de jongen groot gebracht.

Bij gebrek aan zo'n natuurlijke steilwand in onze omgeving, is enkele jaren geleden in Beers een kunstmatige steilwand aangelegd langs de Kraaijenbergse plassen. De 45 meter lange betonnen wand is voorzien van 132 gaten, die elk jaar opnieuw door IVN-vrijwilligers opgevuld worden met zand/leem. Hierin maakt de oeverzwaluw haar nest, waarin ze haar jongen groot brengt.

Deze wand bestaat uit 11 segmenten beton met in ieder segment 12 gaten, met een totale lengte van 45 meter.  De gaten worden opgevuld met zand/leem en daar graven de oeverzwaluwen hun nest in, door er zand uit te halen. In totaal kunnen dus 132 nesten gebouwd worden.

Het grootste aantal bezette nesten is 120 geweest, maar meestal varieerde het aantal nesten tussen de 60 en 70. Het afgelopen jaar was de bezetting dramatisch slecht, er werden maar 14 nesten gebouwd.

De betonnen oeverzwaluwwand aan de Kraaijenbergse plassen in Beers wordt jaarlijks door IVN-vrijwilligers opgeschoond. Dit gebeurt vlak voordat de oeverzwaluwen terugkeren uit Afrika.