Instituut voor natuureducatie en duurzaamheid

Op de fiets flamingo’s kijken

Vijf flamingo’s in de Kinselbaai, januari 2015 (c) G. Bobber2 februari 2015
Meestal kun je flamingo’s in Amsterdam alleen in Artis bekijken, maar deze week heb ik ze ook in het wild gezien. Net voorbij Durgerdam staan tussen de vele eenden, ganzen, meeuwen en aalscholvers vijf flamingo’s in het IJsselmeer. In de gierende zuidwestenwind sta ik op de oude zeedijk en kijk met m’n verrekijker naar de grote roze vogels die fier de kou trotseren. Steeds als de zon door de wolken breekt, flikkert het felroze van hun vleugels op. Deskundigen denken dat ze een jaar of drie zijn, adolescenten dus, want een flamingo kan wel veertig jaar worden. Deze vijf staan hier nu al twee weken. , Daarvoor zijn dezelfde vogels ten noorden van Rotterdam gespot. Waarschijnlijk kwamen ze uit de Zeeuwse en Zuid-Hollandse Delta waar ‘s winter altijd flamingo’s bivakkeren.

Famingo’s in de Camargue (c) Andrea SchafferEen groep van zo’n veertig vogels, die ’s zomers in Duitsland net over de grens bij Winterswijk broedt, trekt elke herfst via de kusten van het IJsselmeer naar de Delta in het zuidwesten van ons land. Het is de totale West-Europese populatie. Vergeleken bij Zuid-Europa is onze populatie maar klein: er leven in het zuiden zo’n twee- à driehonderdduizend flamingo’s. De grootste kolonies zijn gelegen in de Camarque in Zuid-Frankrijk en het meer van Fuente de Piedra ten noorden van Malaga in Zuid-Spanje; in beide gebieden broeden elk jaar wel twintigduizend paren.

Flamingo’s boven de Hoeckelingsdam (c) Bob van den BroekOndanks dat veel flamingo’s in warme streken leven en goed tegen hitte kunnen, zijn ze ook heel goed bestand tegen kou, zolang het ondiepe water waar zij hun voedsel zoeken maar niet dichtvriest. De Delta in zuidwest Nederland en het IJsselmeer vriezen zelden dicht, dus is het niet vreemd dat die veertig flamingo’s deze gebieden hebben uitgekozen om neer te strijken. Factoren waar zij waarschijnlijk meer op letten (dan op de temperatuur), zijn veiligheid (zo min mogelijk roofdieren en andere verstoring) en voedsel. Zeeën vol voedsel – of meren dan in dit geval. Flamingo’s waden met hun lange poten door ondiepe wateren en rivierdelta’s op zoek naar plankton: kleine kreeftjes, weekdieren, waterinsecten en algen die ze met hun ingenieuze zeefsnavel uit het water filteren.

Flamingo in de Grevelingen (c) Lennart VerheuvelAan dat eten danken ze hun mooie roze kleur. De algen die ze eten en de kreeftjes en slakken (die op hun beurt ook weer algen eten), zitten vol caroteen, een geelrode kleurstof, die bijvoorbeeld ook voor de rode of oranje kleur zorgt van paprika’s, wortels en abrikozen. De caroteen wordt omgezet in een lichaamseigen kleurstof die opgenomen wordt in huid en veren, en dat kleurt de vogel prachtig roze. Hoe rozer de flamingo, hoe sterker en mooier hij is, aldus de mening van andere flamingo’s. Nou, dat ben ik volkomen met hen eens. Het is betoverend, zo’n elegant roze beest in het Hollandse grijsblauwe water. Het was de fietstocht meer dan waard.

Marisa Stoffers

Foto's
Header: Europese flamingo in de Camargue in Frankrijk, Ron Knight
Alinea 1: De vijf flamingo’s in de Kinselbaai in het IJsselmeer, 22 januari 2015, G. Bobber
Alinea 2: Een groep flamingo’s in de Camargue in Frankrijk, Andrea Schaffer
Alinea 3: De vijf flamingo’s boven de Hoeckelingsdam in het IJsselmeer, Bob van den Broek
Alinea 4: Flamingo in de Grevelingen in de Zuid-Hollandse Delta, Lennart Verheuvel

Naar Overzicht blogs van Marisa Stoffers