Oktober: Steenmarter - Martes foina

Steenmarter is het haasje
Behalve de duizenden insecten die ik jaarlijks tijdens het autorijden verpletter, heb ik helaas ook twee keer in mijn leven een zoogdier aangereden. De eerste was een haas die in de Eemshaven, tijdens het wielrennen met mijn trainingsgroepje, precies richting mijn voorwiel rende. Ik nam net de kopbeurt en kon hem helaas niet meer ontwijken. Wat een klap was dat en ik bleef ternauwernood op de fiets. De haas bleef groggy op de grond lopen waarna onze trainer, met zijn dikke Mercedes, hem de genadeklap gaf. 
Jaren later had ik inmiddels een auto en was ik in het donker iets te hard onderweg naar mijn lief die nog in Borger woonde. Ik zag een flits vanuit de berm op mij afkomen en afremmen werkte niet meer. Het bleek een steenmarter te zijn. Een echt nachtdier dat je meestal zelden levend te zien krijgt. Hij was nog puntgaaf en ik besloot hem mee te nemen voor de ultieme relatieproef voor natuurfreaks; ‘Schat, heb je nog ruimte in de diepvries?’ Dat had ze eigenlijk niet, maar voor mijn dode steenmarter maakte ze graag ruimte.  De inmiddels opgezette steenmarter (‘Stony’ noemt mijn dochter hem liefdevol) heeft al dikwijls opgetreden bij educatieve IVN-activiteiten.

Opportunist.
De steenmarter dankt zijn naam aan zijn voorkeur voor steenachtige biotopen en schuilplaatsen, zoals steengroeven en rotsige hellingen. Die hebben we hier niet in Drenthe, maar deze rasopportunist zag in onze stenen gebouwen in steden en dorpen een meer dan geschikt habitat. Hoewel de steenmarter maar weinig wordt gezien, gaan er vele tot de verbeelding sprekende verhalen rond. Van kabelvreters tot aan stankoverlast en van lawaaimakers tot aan moordpartijen toe. Wat je echter bijna nooit hoort, is dat ze ervoor zorgen dat ratten en muizen in toom worden gehouden en ze ook veel plantaardig voedsel eten als bessen en fruit. Ook zijn ze gek op eieren en staan bijvoorbeeld regenwormen, kevers en kikkers dikwijls op het menu. Dat ze tegenwoordig ook veel voorkomen in steden, heeft vooral ook te maken met het gedrag van het slordigste zoogdier van Nederland, de mens. Waarom moeilijk doen als iedere nacht de resten Hema-worst en de Big Macs op straat als hapklare brokjes op hen liggen te wachten? De meeste kans om ze te zien is tegenwoordig dan ook gewoon ’s avonds laat, een eindje rondwandelen in en rond de binnenstad. Kun je misschien ook nog de vos zien die ook al regelmatig is gespot in Hoogeveen. 

Herkenning
De steenmarter is te herkennen aan zijn slanke katachtige grootte, in combinatie met zijn witte bef en roze neus. Als je die in de stad of dorp ziet lopen dan is het bijna zeker een steenmarter. Daarbuiten weet je het bijna nooit zeker of het nu een steenmarter was of misschien wel zijn zeldzamer voorkomende broertje de boommarter. Het belangrijkste verschil in het uiterlijk is de kleur van de ondervacht: die is licht bij de steenmarter en donker bij de boommarter. Zoals alle marterachtigen is de kans klein dat je hem ooit zal zien maar zijn sporen die hij achterlaat zijn wat eenvoudiger op te sporen. Een marterachtige heeft altijd 5 tenen en in de stad zou je niet snel een andere marterachtige zien. De uitwerpselen van de marter zijn worstachtig en zo’n 3 à 4 tot 10 cm groot. De achterzijde wordt gekenmerkt door een gedraaide, spitse punt. Die gedraaide punt is het gevolg van het feit dat de steenmarter een roofdier is en harige prooien eet.

Territorium en verblijfplaats
De steenmarter verblijft het liefst in een droge en rustige bijna afgesloten ruimte. Denk daarbij aan holen in bomen, takkenhopen, grote nestkasten, kruipruimtes, tussen de dakbedekking of zolders. 
Ze bestrijken een groot territorium van dikwijls tientallen hectares met diverse schuilplaatsen. De steenmarter van de buurman is dus dikwijls dezelfde als die bij jou over de zolder loopt! 
Het vernietigen van een verblijfplaats of opzettelijk verstoren van de verblijfplaats is naast het doden van exemplaren binnen de wet Natuurbescherming verboden. Het is dus beter om de toegang tot een huis te ontmoedigen door maatregelen te nemen. Als er eenmaal sprake is van overlast dan is het een ander verhaal en is het belangrijk dat je aanklopt bij de juiste instantie.
Er zijn meer manieren om overlast te voorkomen. Lees maar eens verder op www.zoogdiervereniging.nl/steenmarteroverlast

Tekst en foto: Bart Pijper