Hoogeveen
Bomen & Struiken
dinsdag01sep2020

De trage levensloop van de bomen.

Je kent wel het gezegde ‘boompje groot, plantertje dood’. Niet omdat het nu een mooi gezegde is, het schept gewoon duidelijkheid. De trage levensloop van de boom.
Wij, jij en ik, zien een boom nooit volwassen worden. Tragisch eigenlijk. Als je nadenkt over leven in de Natuur dan is er veel wat snel leeft, snel voorbijschiet, snel oud wordt, sterft en soms al in 100 of meervoud heeft gezorgd voor nageslacht. Een boom zorgt ook voor nageslacht. In sommige jaren struikel je zelfs over de vruchten die de boom heeft geproduceerd. De eerste eikel, aan het einde van de zomer, die met een klap op het dak van de auto neerkomt, als jij net voorbijrijdt, laat weten dat ze er zijn. Je schrikt je een hoedje! De eikel raakt de grond, zal misschien wortelschieten maar sterft toch een langzame dood. Niet veel eikels worden grote bomen. In mijn straat staan ook bomen. Die zal ik zeker niet volwassen zien worden. Misschien dat die ene, die grote eik, van een zekere volwassenheid mag spreken. Als de wind aanwakkert, de herfst intrede doet, dan is het stukje straat en stoep rondom de grote eik een waar slagveld. In de buurt is men druk met het opvegen van alle eikels om te voorkomen dat de straat verstopt raakt en de eikel voet aan bodem kan zetten. Maar dit is dan één eik. Er staan meer bomen in de straat. Ik noem ze zielige bomen. Ze willen wel, maar het lukt ze niet. Ze bloeien ieder jaar alsof het hun laatste jaar is. En geven zoveel vrucht dat we het hele jaar rond de appeltjes zien liggen. Tot ze spreekwoordelijk omvallen omdat het op is in de bodem. Bomen hebben voedsel nodig, ruimte om te groeien. In een bos is er voedsel maar in een straat, in de stad of dorp, is dat een ander verhaal.  Daar krijgt de boom onvoldoende voedsel. Of, nee, niet helemaal waar, tegenwoordig krijgt een boom in een stad, als het goed gedaan wordt, groeiruimte voor 25 tot 30 jaar. Bomen zijn, door het verdien model van Henk Bleker en eigenlijk van alle politici na deze staatssecretaris, de klos. Of is dat het verdienmodel van Staatbosbeheer omdat de regering hen daartoe dwong? We zien het overal, bomen zijn de klos! We hebben deze zomer massaal Nederland opnieuw ontdekt en daarmee ook de bossen, de grote Natuurgebieden. En overal waar we hebben gelopen zagen we de kaalslag door mensen handen en grote machines gemaakt. Wat zou er gebeuren als we eens een stapje terug doen en weer met ontzag met bomen en bosbodem omgaan. Daar waar het paard haar werk kan doen zonder de bodem kapot te maken. Op die manier kun je een bos veilig uitdunnen. De trage levensloop van bomen zorgt voor ontzettend veel goeds waar we elke dag gebruik van maken. Mag de boom dan ook met meer respect behandeld worden voor biodiversiteit, klimaatregulatie en Natuurbeleving. 

Geniet van de Natuur!

Tekst: Grietje Loof
Foto: Bart Pijper