Augustus: De dwergvleermuis, Pipistrellus pipistrellus

Als in de winter de temperatuur maar even boven de 5°C is dan zie je regelmatig mugjes dansen op een zonnige plek. Ook in de nacht worden insecten actief bij die temperatuur. Vleermuizen verkeren in de winter in diepe slaap. Toch voelen ze heel goed aan dat hun favoriete voedsel voorhanden is en worden wakker om te gaan jagen. Daar merken wij mensen heel weinig van, wij zitten dan nog bij de warme kachel. Wij merken ze meestal pas op als we tijdens een lange zomeravond een wandeling maken of op het terras zitten. We zien dan doorgaans de gewone dwergvleermuizen rondfladderen. Het is de meest voorkomende soort in Nederland. Dwergvleermuizen zijn net als de huismus echte cultuurvolgers. Ze komen bijna overal voor, vooral waar de omstandigheden goed zijn. Mensen zorgen daarvoor. Wij zorgen voor onderdak en voedsel. Dwergjes zitten meestal bij ons in huis. Vaak in de spouw van de topgevel. Maar ook wel onder het pannendak. De meeste bewoners hebben dat niet eens door. Ze worden weleens opgemerkt door de kinderen die op de zolderkamer slapen. Vanaf eind mei tot begin juli worden de jonge vleermuizen actief. Ze kunnen nog niet vliegen maar zoals normaal met jong leven worden ze speels en vertonen puberaal gedrag. Met de bijbehorende herrie als gevolg. Soms zijn ze zo ondernemend dat ze het verblijf verlaten. Omdat ze nog niet kunnen vliegen vallen ze op de grond en zijn ten dode opgeschreven. Als ze op tijd teruggezet worden in de kolonie dan maken ze daar dankbaar gebruik van. Op het filmpje is een jong dwergje te zien die dit overkwam in de Zeeheldenbuurt in Hoogeveen. De bewoners die het beestje gevonden hadden vonden het prachtig. (geluid aanzetten) 

Op de foto is een dwergvleermuis te zien die de nachtrust in het theater de Tamboer verstoorde. Hij liet constant het alarm afgaan zodat de politie regelmatig moest uitrukken. Toen het beestje gevangen was en buiten de vrijheid werd gegeven, vloog hij niet weg maar ging met gespreide vleugels op een muur zitten. Normaal vouwen ze altijd direct hun vleugels op als ze niet vliegen. Een unieke kans om deze mooie foto te maken.
De meeste vleermuizen verblijven dus in stenen gebouwen. Pas in de middeleeuwen zijn we met baksteen kastelen kerken en kloosters gaan bouwen. Waarschijnlijk kwamen toen ook de eerste dwergvleermuizen naar ons gebied. Wij gingen toen ook steeds meer watergangen maken. Kanalen, grachten en vijverpartijen. Maar ook kregen onze gebouwen dakgoten en regentonnen. Allemaal gelegenheden waar muggen zich heel goed kunnen ontwikkelen. En laat dat nu net het lievelingsvoedsel van dwergvleermuizen zijn. Huizenbezitters die een kolonie in huis hebben merken dat goed. Ze hebben weinig last van muggen. Heel fijn als je ’s avonds op het terras zit of met een open raam slaapt.
Wij mogen dus heel blij zijn dat de dwergvleermuis met ons wil samenleven.

Tekst, foto en video: Jan Mager