Hengelo
Landschap
zondag08sep2019

Kruidenwei Stadspark het Weusthag geschoond

Zaterdag 7 september is de IVN-werkgroep Landschapsonderhoud Weusthag het nieuwe seizoen gestart in de Kruidenweide achter het zwembad. Met spades werden struiken en boompjes uitgestoken. Ook werden dichtbegroeide stukken nog eens extra gemaaid met de zeis. Van onze heemtuin was zaad van de Bolderik meegekregen. Dit is uitgezaaid op zanderige plekken nabij konijnenholen.

De Bolderik is een akkerplant uit de anjerfamilie. De soort staat op de Nederlandse Rode lijst van planten als zeer zeldzaam en zeer sterk in aantal afgenomen. In Nederland komt hij van nature voor in het rivierengebied (zandige klei), in Twente en in Zuid-Limburg (löss). De plant groeit tussen het graan, vooral tussen rogge en verder op braakliggende terreinen. De plant is vrij slap en heeft steun nodig van de graanplanten. Het was vroeger een algemeen voorkomend graanonkruid. De Bolderik wordt ook in eenjarige bloemenweiden uitgezaaid en in siertuinen gekweekt. 

De eenjarige plant wordt 20–100 cm hoog, heeft lancetvormige bladeren en is zwak behaard tot viltig. De bolderik bloeit van juni tot juli met alleenstaande, langgesteelde, dieproze tot paarsrode bloemen. De kelk is ruw behaard en de kelkbladen zijn puntig en langer dan de kroonbladen. De bloemen zijn tweeslachtig. 

De gehele plant is giftig, maar de donkergekleurde zaden zijn het giftigst. Vroeger werden deze meegeoogst en bij onvoldoende schoning meegemalen, waardoor het graanmeel giftig werd en door de aanwezige saponinen tot maag- en darmproblemen kon leiden. De ontwikkeling van grondige zaadschoningsmethoden luidde de ondergang van de bolderik in. In de eerste helft van de 20eeeuw kon men een boer, die Bolderik onder zijn gewas had, van nalatigheid betichten. Hoe jammer het verlies van deze bijzonder fraaie akkerplant ook is, de Bolderik was een schadelijke gifplant en van boeren kon geen tolerantie verwacht worden. (Bron: Wikipedia en Nederlandse Oecologische Flora).