Haaksbergen
Kind & Natuur
donderdag24okt2019

Verslag Paddenstoelenwandeling

Op zondag 20 oktober was er een Paddenstoelenwandeling, georganiseerd door Natuurmonumenten en IVN gezamenlijk.
Ongeveer 45 deelnemers verzamelden zich bij de Wakel in het Buurserzand. In 3 groepen gingen we op pad.

                                                                                            ■ tekst: Mimi v/d Berg                                                                                                         foto: Gerke v/d Hoef

Speur naar paddenstoelen en ontdek hun grootste geheimen.
Wist u dat een paddenstoel een vrucht is?
De plant groeit als een netwerk van witte draden onder de grond. Dat noemen we Mycelium.

In onze groep gingen veel kinderen met ouders mee.

Geweldig, wat een speurneuzen. Met hun spiegeltje konden ze zien, bij welke groep hun paddenstoel hoorde. Hadden ze plaatjes, buisjes of hoorden ze bij de stuifzwammen.

Al gauw kwamen ze tot de ontdekking, dat er heel wat soorten waren. Vooral dit jaar was er een enorme weelde van verschillende soorten.

Nu komt het volgende probleem. Kijken, waar ze groeien.

  • Ze groeien met een aantal bij een bepaalde boom. Deze boom is hun gastheer.
    De zwamvlok, ook genaamd mycelium, groeit dan rond de wortels van de boom.
    De paddenstoel helpt de boom om voedsel uit de grond te halen. Hij krijgt daarvoor suikers van de boom terug. Dit noemen ze samen levers of symbiose.
  • Heel vaak dienen ze als opruimers van het bos. Ze halen het voedsel uit dode plantenresten of dode bomen. Deze heten Saprofieten.
  • Parasieten groeien op levende bomen. Daar halen ze hun voedsel uit. Hierdoor kan de boom zelfs sterven.


Ouders willen graag weten, of ze giftig zijn of eetbaar.
Hierover kun je je beter niet uitlaten. Koop ze maar in een blauw bakje. Heel verstandig.

De speurneuzen kijken steeds dichter bij de grond. Graven met de handen in de vochtige bosgrond. Dan ontdekken ze, hoe klein de paddenstoelen kunnen zijn.

Dode blaadjes met een paddenstoeltje. Eikeldopjes,waar iets op groeit.
Dennenappels met een zwammetje. Hoe wonderlijk, dat kleine spul.

En dan willen ze natuurlijk weten, hoe ze heten.

Geweldig, hoe kinderen proberen moeilijke namen te oefenen.
Vliegenzwam, Stinkzwam, Elfenbankje, wil nog wel lukken, maar dan komt het.
Groene anijs trechterzwam, Russula, Narcis ridderzwam, Plooivlieswaaiertje, Parasolzwam, Kluifzwam, Kastanjeboleet, Eekhoorntjesbrood.

Een heel enthousiaste jongen uit onze groep zei: Wat is het hier toch mooi. Wat veel mooie paddenstoelen.
Ik heb toch vakantie, misschien wil mama nog wel een keertje mee. Dan vertel ik alles aan mijn kleine broertje.

Een mooier “ dank je wel”, kun je als gids niet krijgen.