Keent

Aan de Maas tussen Grave en Ravenstein ontwikkelt zich een uniek, fors natuurgebied in de Oude Maasarm, die ligt tussen het eiland Keent en het vaste land.

Het buurtschap Keent lag tot de kanalisering van de Maas in 1938 op de oever van  Gelderland. Het hoorde tot 1 mei 1923 bij de gemeente "Balgoij en Keent", daarna ging deze over naar de Gemeente Overasselt. Na de normalisering werd Keent Brabants grondgebied, maar de grenscorrectie kwam pas in 1958 en ging Keent over naar de gemeente Ravenstein. Door de gemeentelijke herindeling in 2003 ging Ravenstein en daarmee ook het buurtschap Keent op in de gemeente Oss.

Ruimte voor water, natuur en mensen

De oude rivierbedding werd voor een deel uitgegraven en weer aangesloten op de Maas. Keent is dan een met de natuur en hoog water omzoomd eiland. In de Oude Maasarm Keent ligt een brede watergeul te midden van ooibossen, struwelen, moerassen, stroomdalgraslanden en verschillende recreatievoorzieningen. Het uitgraven van de oude Maasarm zorgt voor een waterstandverlaging van de Maas. Dit vergroot de veiligheid voor bewoners achter de dijken. De Oude Maasarm Keent omvat 330 hectare nieuwe spannende natuur en een prettige omgeving om te wonen en natuurgericht te recreëren. Langeafstandwandelpaden en fietsroutes brengen toeristen nu al in de streek.  

Aan het project Oude Maasarm Keent werken mee: Ministerie LNV, Dienst Landelijk Gebied, Rijkswaterstaat, Brabants Landschap, provincie Noord-Brabant, Stichting Taurus, de gemeente Oss en het Waterschap Aa en Maas. 

Natuur

In ons volle land is behoefte aan grootschalige natuur. Door de toenemende druk van verstedelijking en de aanleg van wegen en spoor bestaat er in Nederland grote behoefte aan robuuste natuurgebieden. Daarom wordt een grootschalig netwerk van onderling verbonden natuurgebieden aangelegd: de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). 

Langs deze "groene wegen" kunnen planten en dieren van het ene gebied naar het andere komen. Dat vergroot de overlevingskansen van soorten en maakt trek (migratie) van soorten mogelijk. Oude Maasarm Keent wordt leefgebied voor Bever, Zwarte ooievaar, Das, Roerdomp en Rivierrombout (een Echte libel uit de familie van de rombouten). 

Langs de Grote Rivieren worden er duizenden hectares nieuwe natuur ontwikkeld voor de Ecologische Hoofdstructuur. Oude Maasarm Keent draagt hier aanzienlijk aan bij. Het toekomstige (schier)eiland Keent maakt zelf geen deel uit van de EHS. 

In maart 2008 zijn al zo'n 3000 bomen aangeplant aan de Hoge Uiterdijk tussen Keent en Overlangel. Er volgden nog een groot aantal bomen. Straks kan de natuur zichzelf bij alle natuurlijke dynamiek goed onderhouden. 

In Keent leven al diverse dier- en plantensoorten:  o.a. Ree, Haas, Vos, Fazant, Das,  Torenvalk, Buizerd, Blauwe- en Zilverreiger, Velduil, Steenuil en Bosuil, Blauwborst, Buidelmees, Rapunzelklokje, Grasklokje en ja, er zijn zelf al Bevers, Zwarte ooievaars en Grauwe Kiekendieven langsgekomen! Sommige dieren laten duidelijke sporen achter om te laten zien dat ze er leven. Zo laat de Das zijn uitwerpselen achter in een zogeheten latrine, terwijl de Vos zijn drol duidelijk zichtbaar neerlegt op bijvoorbeeld een boomstronk.

Schotse Hooglanders, Taurusrunderen en Exmoorpony's doen hier nuttige beheerswerkzaamheden. Als u deze dieren niet verstoort of opjaagt, kunt u dit gebied prima bezoeken. Een bezoek is zelfs zeker aan te raden. 

Op 12 en 13 april 2012 waren de vogelaars in rep en roer: er bivakkeerde een Grijze Wouw in Keent! Deze soort heeft voor zover bekend ons land nog maar vijf keer eerder aangedaan sinds 1971. Hij zat in Keent in de boomtoppen en bad als een torenvalk op zoek naar zijn prooi. Zijn broedgebied ligt in delen van het zuidwesten van Spanje, er was dan ook sprake van een dwaalgast.

Grijze Wouw in Keent

Infopunt

Vanaf april 2015 heeft Brabants Landschap Samen met Stichting Taurus een infopunt aan de Zuijdenhoutstraat naast het bezoekerscentrum. De openingstijden melden wij zo spoedig mogelijk.

Keent heeft een bezoekerscentrum in de boerderij van de familie De Kleijn aan de Zuijdenhoutstraat 4. Hier kunt u terecht voor informatie en een versnapering. Er is een tentoonstelling te bezichtigen over Keent in het verleden. Er staat o.a. een motor van een spitfire die er in de Tweede Wereldoorlog is verongelukt. 

Bij Keent heeft namelijk vroeger een vliegveld gelegen. Vanaf 1928 werd het al gebruikt door vliegtuigen van de marine en de landmacht. Het vliegveld heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke functie gehad in de Operatie Market Garden in 1944. Het kreeg ook de code Airstrip B - 82 Grave.

Crash spitfire

Op 2 oktober 1944 zagen bewoners van Keent en omgeving dat een Spitfire in de uiterwaard neerstortte. De Spitfire was aangeschoten door de Duitse tegenstander. De piloot van de Supermarine Spitfire type LF Mk. IX met registratie nummer MJ300 was de Canadese Flight Lieutenant Russell Bouskill, geboren op 18 september 1915 in Trout Creek, Ontario. Zijn jachtvliegtuig was ingedeeld bij het 401 Squadron van de Canadese  126 Fighter Wing. Op 2 oktober 1944 steeg het vliegtuig op van vliegveld Le Culot in België om de bruggen in Grave en Nijmegen te beschermen. De Spitfire werd tijdens een luchtgevecht neergeschoten door een formatie van vier Focke Wulf-190 jagers van het Jagdgeschwader 26 van de Luftwaffe en boorde zich daarna bij de Maas in de Keentse kleibodem. De 29-jarige piloot kwam daarbij om en kreeg een tijdelijk graf op het rooms-katholieke kerkhof in Reek. Bouskill is op 16 oktober 1945 herbegraven op de oorlogsbegraafplaats voor RCAF-leden in Groesbeek. Russell Bouskill piloot van de spitfire

De berging van het vliegtuig en de stoffelijke resten van de vlieger vond in oktober 1944 gedeeltelijk plaats door vliegveldpersoneel van Keent. Dit gebeurde tijdens het hoogtepunt van de strijd op de grensstreek van Brabant en Gelderland. De definitieve berging van de motor van dit vliegtuig vond plaats op 18 augustus 2009. De resten van de Spitfire waren diep ingeslagen in de kleigrond van de uiterwaard bij Keent. Vanwege de plannen voor het uitgraven van de Maas in deze oude rivierbocht moesten de resten geborgen worden. De Koninklijke Luchtmacht heeft de gemeente Oss toestemming gegeven om de wrakresten te presenteren. 

De stoffelijke resten van de piloot die bij de opgraving zijn gevonden zijn op 21 juli 2011 in stilte bijgezet. Dit gebeurde tijdens een korte besloten plechtigheid met vertegenwoordigers van de Canadese ambassade, de RCAF uit Brunssum en de CWGC uit Ieper. Daarmee is dit indrukwekkende verhaal waardig afgerond.