De Horsten - wat is er te vinden

Om van de ingang aan de Papeweg naar de ingang aan de Horstlaan te komen moet je zeker een half uur stevig doorstappen. De drie landgoederen bieden een grote verscheidenheid aan biotopen en landschappen. De soortenrijkdom in dit gebied is heel groot vergeleken met de rest van Nederland. Vooral de enorme diversiteit aan paddestoelen maakt De Horsten in het vroege najaar een zeer geliefd gebied voor natuurliefhebbers. De vele soorten vogels, insecten, bomen en planten dragen daar natuurlijk ook aan bij. En natuurlijk de rust! 

Bomen en zwammen
vliegenzwamDe meeste “Hollandse” bomen zijn volop aanwezig: elzen, berken en essen in de lager gelegen, vochtige gebieden, beuken, kastanjes, eiken en esdoorns in de wat drogere bospercelen. Er zijn een paar gebiedjes met Amerikaanse eiken, die verschillen van de ‘gewone’ eik door hun grote puntige bladeren en hun grotere vruchten die een plat dopjedragen. Hier en daar staan eiken en beuken bij elkaar. Hun wortels zitten elkaar niet in de weg omdat de eik een penwortel heeft die diep de grond in gaat, en de beuk juist een oppervlakkig wortelstelsel dat wijd uitloopt over de grond (waar men nogal eens over kan struikelen). Sommige eiken en beuken zijn al heel oud: aan de omtrek is te zien dat ze ouder dan 150 jaar zijn. De oude beuken worden soms aangetast door de reuzenzwam: enorme lichtbruine zwammen die als een soort grote bloemen rondom de boom op de wortels verschijnen. Een aangetaste beuk waait met een beetje storm gewoon om. Bij de vijver zijn een paar aangetaste beuken omgezaagd; zij blijven in het water liggen ten behoeve van de eenden. Beuken worden ook geplaagd door de Tonderzwam – hoewel die lang niet zo agressief is als de Reuzenzwam. Zeer fraaie Tonderzwammen zijn te zien op de oude beuk die bij de brug vlakbij het Theehuis staat. Eekhoorntjesbrood, Heksen- en Satansboleten zijn vooral te vinden onder de beuken aan de laan die van Kasteel Ter Horst naar Villa Eikenhorst loopt, aan de zuidkant van de Horsten. 

Vogels
In het voorjaar word je bij de toegangspoort al verwelkomd door tjiftjaf, roodborst, koolmees en specht. Hoe verder je het gebied in komt, hoe gevarieerder het repertoire wordt: fitissen, staartmezen, zanglijsters, vinken, boomklevers en –kruipers, en nog veel meer zangers strijden om het hoogste lied. Fitissen en tjiftjafs houden van gevarieerd landschap, zanglijsters, vinken en boomklevers van bosachtig terrein, groene spechten van grasland. De zilverreiger is een bekende gast van de weilanden, evenals de grutto, de wulp, de tureluur, de kievit en de scholekster. Buizerden, torenvalken, boomvalken en haviken jagen op klein grut als haasjes, konijntjes en muizen. De ijsvogel scheert over de sloten op zoek naar vis, en allerlei soorten eenden dobberen in de grote vijver: krakeend, tafeleend, kuifeend, en een groepje kolganzen dat al sinds jaar en dag in deze koninklijke vijver vertoeft. Neem in het voorjaar dus altijd een verrekijker mee, en neem positie boven aan de weide aan de noordkant, waar je het mooiste uitzicht heeft. 

Insecten en andere minibeestjes
Als de zon schijnt zie je volop vliegende en wandelende insecten – de zonnewarmte geeft hen energie en dat maakt ze snel en tegelijk zo onthaast dat ze ook rustig in het zonnetje kunnen zitten niksen. Bij slecht weer verstoppen ze zich onder de blaadjes om droog en warm te blijven. Als je even zoekt kom je ze vanzelf tegen. De bosrand met de verschillende planthoogtes tussen de Rijksstraatweg en het maisveld is een waar paradijs voor insectenliefhebbers: bijen, zweefvliegen, vlinders, cicaden, kevers, wantsen, van alles zit er.