Column 2017-37 Hoe een kleine paddenstoel een grote es kan verslaan

IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij HuisVerdwijnen de essen uit Nederland? Die lange slanke bomen met hun rechte, gladde stammen; al eeuwen toonaangevend in de Nederlandse bossen en lanen, die wel 200 jaar oud en 40 meter hoog kunnen worden.

We lazen over de essenziekte en besloten zelf op onderzoek uit te gaan.
We zagen met eigen ogen de troosteloze verwoesting van de essen.
Kale takken en bruine verfrommelde bladeren. Veel dode bomen.
De essentakziekte had dus ook in onze omgeving hard toegeslagen.

De oorzaak hiervan is een gemuteerd paddenstoeltje. Er groeit een inheems paddenstoeltje op afgevallen bladsteeltjes van essen, essenvlieskelkje geheten. Het vormt duizenden sporen. Op vochtige grond ontkiemen die sporen tot schimmeldraden. Die zijn belangrijk bij de afbraak van dood organisch materiaal tot nieuw voedsel voor planten en bomen. Zo helpt dit paddenstoeltje, een saprofyt, mee om de natuur in balans te houden.

Sinds enkele jaren is bekend dat het essenvlieskelkje een gemeen broertje heeft; het vals essenvlieskelkje, een parasiet. Een kleine verandering in het DNA maakte van een goed-, een kwaadaardig exemplaar. Met het blote oog zijn ze niet van elkaar te onderscheiden. Oorspronkelijk afkomstig uit Oost-Azië, is dit broertje inmiddels via Polen, ook Nederland binnen gewaaid.

Ook dit paddenstoeltje produceert sporen waaruit schimmeldraden ontkiemen. Maar dat speelt zich af op lévende bladeren aan de es.
De bladeren worden bruin en verschrompelen. Via de bladsteel zoeken de schimmeldraden zich een weg naar de takken en dieper naar het inwendige van de stam. De houtvaten raken verstopt en takken en bladeren verdrogen en sterven af; Essentaksterfte. Als dat proces doorgaat sterft de hele boom.

De verspreiding van es naar es gaat razendsnel, via de wind, vooral in monoculturen van essen. Boswachters proberen de ziekte beperkt te houden door te kappen, maar ze kappen achter de feiten aan.
Als sluipwespen hebben de schimmels zich al in naastgelegen essen genesteld. Inmiddels is in Nederland meer dan 80 % van de essen aangetast.

Er gloort hoop. Af en toe staat er tussen de zieke essen een gezonde, resistente variant. Natuurbeheer zoekt deze exemplaren. Als ze definitief gezond verklaard zijn en ze de schimmels niet als een 'Paard van Troje' in zich dragen, kunnen ze geënt, gestekt en gezaaid worden.

Zo zou weer een populatie gezonde essen kunnen ontstaan. We hebben tenslotte het sterke, elastische essenhout nodig voor o.a. turntoestellen en stelen van tuingereedschap.

Gerda Veth
IVN-natuurgids

Digitale krantversie Column 2017-37, 130917, pagina 8 

Naar Columns 2017