Column 2017-35 Leed en liefde in de polder. Zwaan, zo hoort het niet!

IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij HuisIn de weilanden tegenover mij zie ik dagelijks een zwaan, een man.
Ik maak me zorgen over hem, hij is altijd alleen.

Een zwaan alleen is vaak een partner kwijt. En leidt dan een treurig bestaan. Hij verdedigt wel zijn weilanden tegen andere zwanen en vooral tegen ganzen.

En dan opeens, veel te laat, verschijnt vrouw zwaan. Het is al 21 juni!
Ze heeft 6 jongen bij zich, spierwitte dotjes. De jonge zwaantjes zwemmen losjes om haar heen. Man zwaan zit verderop op de kant. Zo hoort dat niet!

Gewone zwanenouders zijn streng. Elke dag hebben ze hun vaste rituelen. In het begin zitten ze veel op de kant, de pullen onder de vleugels van vrouw, terwijl man de omgeving scherp in de gaten houdt en alle dieren en mensen wegjaagt. Een paar keer per dag gaan ze te water, man voorop meestal, dan een keurig rijtje jongen en vrouw achteraan. Geen jong mag daar tussenuit.

Maar deze man bemoeit zich er niet mee. Een paar dagen later zie ik vrouw met 5 pullen. Nog steeds zwemmen de kleintjes alle kanten op. Zo gaat dat de volgende weken door. Elke dag komen vrouw en jongen in mijn vijver kroos eten.

Heel soms komt man van de kant en zwemt even in de buurt van de familie. Maar hij zorgt en waakt niet. Zelfs de ‘wegjaagvluchten’ moet vrouw doen: met klapperende vleugels over het water rennen tot bijvoorbeeld een gans die te dichtbij was, wegvliegt. De kleintjes blijven dan alleen achter.

Telkens hoop ik dat vrouw terug is voor er weer een zwaantje verdwijnt. Helaas, na vier welken heeft ze nog twee jongen.

Wat is dit voor een man? Is hij te lui, te dom of ziek?

Catherine

Digitale krantversie Column 2017-35, 300817, pagina 8 

Naar Columns 2017