Column 2017-15 Koning van de plassen

IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij Huis
                                     Krooneend. Foto Piet Heemskerk

Chauvinisten als we zijn vinden wij de Vinkeveense Plassen natuurlijk een uniek plekje in Nederland. Maar daar zijn we gelukkig niet alleen in!
Op onze heldere wateren dobbert ook een zeer kieskeurig beestje rond dat in de rest van Nederland vrijwel niet aangetroffen wordt: de krooneend.

Als we op de verspreidingskaart van SOVON kijken, zien we maar een paar kleine gele vlekjes waar ze broeden in ons land. Buiten het broedseizoen is onze regio dan nog eens een van de meest favoriete plaatsen van deze eend met zijn karakteristieke grote roodbruine kop en knalrode snavel. Gelukkig groeit het aantal broedparen de laatste jaren, maar in heel Nederland waren dat er in 2014 nog geen 500.

Onze plassen hebben een aantal specifieke eigenschappen, waardoor de krooneend hier zo goed gedijt. Het begint met het kraakheldere water en zijn uitbundige groei van kranswieren waar ze dol op zijn. Misschien nog belangrijker zijn de legakkers in ons gebied. Vooral de legakkers die niet door ons mensen gebruikt worden zijn favoriet want het is een beetje een schuw beestje. Hier bouwt hij zijn nest het liefst, dicht bij het water.

Bovendien houdt een krooneend van oevers die dichtbegroeid zijn met bramenstruiken en overhangende wilgentakken. Juist dat spul dat je als mens als eerste gaat 'opruimen'. Door deze dichte begroeiing aan de waterrand komen er veel insecten voor en die staan de eerste drie weken in het leven van een krooneendpulletje op het menu.

Ook geven de struiken en takken een goede beschutting en zorgen ze er vaak voor dat de oever makkelijk te betreden is, ook voor de kleintjes. Krooneenden hebben graag wat bescherming boven hun hoofd en niet alleen in de tijd als de pullen nog klein zijn.

In juli en augustus is het tijd voor de rui waarin de veren vervangen worden. De vogels kunnen dan niet vliegen, hun belangrijkste bescherming tegen natuurlijke vijanden. Juist dan zijn ze aangewezen op de bescherming en camouflage die de weelderige legakkers ze bieden. Gelukkig hebben we in onze plassen nog veel van deze stille legakkers, vooral in die gebieden die beheerd worden door het recreatieschap.

Het woordje 'nog' in de vorige zin staat er natuurlijk niet voor niks.
U weet ongetwijfeld van het voornemen om legakkers in deze gebieden te verkopen aan particulieren. Een goedkope oplossing om het onderhoud uit te besteden, maar een kostbare oplossing voor de natuur. En voor de krooneend, de koning van onze plassen, verdwijnt er dan misschien wel weer een belangrijke plek op de kaart van Nederland waar hij nog welkom is.

Sep Van de Voort
IVN Natuurgids 

Digitale krantversie Column 2017-15, 120417, pagina 2

Naar Columns 2017