Column 2016-25 Kauwtjes kraken uilennestkast

IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij HuisKauwtjes zijn talrijk. Ze weten zich steeds aan te passen aan veranderende omstandigheden en kunnen snel gebruik maken van nieuwe voedselbronnen. Hebben ze bijvoorbeeld eenmaal een voedertafel in de achtertuin ontdekt, dan komen ze regelmatig langs. Vooral als er een hoge boom in de buurt is, waar ze snel naar toe kunnen.

Kauwtjes zijn brutale en intelligente rakkers. Lawaaimakers die vanuit hoge bomen flink wat vogelstruif kunnen laten vallen en soms voor overlast zorgen. Bijvoorbeeld door in een grote groep en met veel kabaal over te vliegen op zoek naar een slaapplaats. Of door in de vroege zomer weken achtereen lawaaiig te paraderen in de dakgoot. En intussen kijken of de kersen al rijp zijn. Op een goede dag vliegen ze dan met z’n allen tegelijk de kersenboom in en plukken hem totaal leeg in een mum van tijd. Dus geen kersen van eigen boom. Jammer maar helaas.

Kauwtjes zijn wel boeiende vogels. Ze hebben een soort taal met bepaalde geluiden voor verschillende situaties. Er zijn sociale verbanden en er is een rangorde of pikorde. Verliefde stelletjes wisselen onderling blikken van verstandhouding. Zelfs als de vogels in groepen voedsel zoeken, zijn de paartjes te herkennen. Man en vrouw zijn onafscheidelijk, blijven elkaar een leven lang trouw.

Bij het vinden van een broedplaats gaan de paartjes slim te werk.
Ze broeden bij voorkeur in holle bomen en oude nesten van spechten.
Ze maken ook wel nesten onder dakpannen en in schoorstenen.
Kauwtjes vinden soms een uilennestkast en kraken die vervolgens. Dat is jammer voor de uilen en voor de IVN-uilenwerkgroep, die zoveel moeite doet om de uilen te beschermen. Ook jammer maar helaas. 

Ria waal

Digitale krantversie Column 2016-25, 220616, pagina 2

Naar Columns 2016