Column 2016-09 Haat en liefde in de polder: schapen

IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij HuisHet leuke van schapen is, dat je ze zo makkelijk mak kan maken. Als het gras in ons weilandje in mei hoog wordt, is het feest. Dan komen de schapen, liefst met een paar lammetjes. Ze komen van de boerderij.

De schapen lopen het weilandje in en gaan zo ver mogelijk weg staan.
Ze stampen met één poot en roepen hun lammetjes tot de orde als die nieuwsgierig naar me toe komen. Maar na een week is dat al heel anders. Als ik ze roep (‘schapen, biks, lekker’) staan ze al bij de biksbak voor ze mij zien. Ze eten hun biks eerst nog wel stampend, maar na twee weken heel rustig en tevreden.

De lammetjes vermaken ons elke dag. Tegen vijven wordt het ‘lammetjesrentijd’. Ze rennen met twee of drie tegelijk hetzelfde parcours. Maar het mooiste zijn hun sprongen. Als een soort plutohond komen ze met vier poten los van de grond en draaien ze in de lucht. Dat spektakel duurt wel een uur. Hun moeders slaan er geen acht op. Gaat vanzelf over denken ze.

Wat later in het jaar, als de tuin allerlei lekkers heeft laten groeien, komen ze naar een ander hek als ze me zien. Extraatjes worden op een andere plek uitgedeeld, weten ze. Appels, rozebottels, hazelnoten. Als de schapen geschoren zijn is er verdriet. De lammeren blaten klaaglijk.
Opeens herkennen ze een paar dagen de geur van hun moeder niet meer.

Dan is het eind augustus, begin september. De Japanse anemonen bloeien overdadig. Niet een paar, maar 5 - 6 vierkante meter vol. Ze zijn me erg lief, zo uitbundig in deze periode. 

Ik zit op mijn vaste plek voor het raam te werken. Ik schrik. Ik zie één van de schapen een aanloopje nemen. Ze springt over het hek dat toch een dikke meter hoog is. Binnen twee minuten ben ik bij haar. Maar dan is er al geen enkele bloem van de Japanse anemoon meer over. Heel soms zegt een mens erg lelijke dingen… .

Die avond moesten de schapen terug naar de boerderij.

Catherine

Digitale krantversie Column 2016-09, 020316, pagina 4

Naar Columns 2016