Column 2015-06 Een Ransuil op de koffie

IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij HuisOp een koude ochtend in december werd ik opgeschrikt door een harde bons tegen het raam. Zoekend naar de oorzaak zag ik een vrij grote vogel op het balkon liggen. Er zat aanvankelijk geen beweging in en ik besloot het verenpak naar binnen te halen. Het bleek een ransuil te zijn. 

Een kartonnen doos werd zijn tijdelijk onderkomen. Aanvankelijk lag hij nog roerloos maar tenslotte kwam er toch wat leven in. Hij opende zijn ogen en draaide zijn kop rond. Toen hij na een minuut of tien alles weer op een rijtje had, fladderde hij uit de doos. Kennelijk klaar om maar weer eens te vertrekken. Dus opende ik de schuifpui en geluidloos met lange vleugelslagen vloog hij, schijnbaar ongedeerd, de vrijheid tegemoet.

Wat deed deze ransuil hier midden op de dag? Was hij uit de roestplaats verdreven? Werd hij belaagd door een hongerige havik? Was hij op jacht? De normale tijd om te jagen is tegen de schemering, als er nog een beetje licht is. De uil ziet veel scherper dan wij door zijn enorme ogen en veel lichtgevoelige staafjes in zijn netvlies. Hij heeft aan een spoortje licht genoeg om zijn hele omgeving te kunnen waarnemen. Hij vertrouwt bij de jacht niet alleen op zijn ogen maar vooral ook op zijn oren.

De ooropeningen, opzij van de kop, zijn asymmetrisch geplaatst waardoor geluid op verschillende tijdstippen het linker en rechter trommelvlies bereikt. Daardoor kan hij zijn prooi nauwkeurig lokaliseren. De uil kan geluidloos vliegen door een fluweelachtig laagje op zijn veren. Zo kan hij het ritselen van een prooi goed horen en bovendien hoort het slachtoffer hém niet aankomen. De uil eet het liefst muizen, soms een klein vogeltje. 

Na de schemering slaapt hij de rest van de nacht en de dag erna in een groenblijvende boom: de roestplek. Liefst bij een open landschap. Vaak zit hij daar bewegingloos met meerdere soortgenoten. Hij kiest bij voorkeur een plaats naast de stam en kan uitstekend die boomstam imiteren.
Dit doet hij door zijn slanke gestrekte lichaam, zijn rechtopstaande hoofdpluimen en zijn schutkleur.

Uilenballen, uitgebraakte, onverteerde prooiresten, vormen vaak het enige teken van zijn aanwezigheid. Mocht hónger deze ransuil overdag op pad hebben gedreven, dan adviseer ik hem naar Friesland te gaan. Daar staat immers een gedekte muizentafel klaar. Soms zijn daar zóveel muizen in één jacht te vangen, dat zelfs opstijgen moeilijk wordt.

Gerda Veth
IVN-natuurgids

Digitale krantversie Column 2015-06, 040215, pagina 4

Naar Columns 2015