Column 2014-38 Haat en liefde in de polder: de mol

                 IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij Huis
Ik kom uit mijn werk. Ik rijd mijn erf op en zie een minibusje staan.
Een man staat bij de achterdeur. Ik stop en kom bij hem kijken. Hij heeft een beestje in zijn handen dat hij liefkozend aait: een mol. 'Mooi, hè?' zegt hij. Ik ben het helemaal met hem eens. Het beestje heeft een prachtig glanzende vacht. Het roze snuitje, de roze handjes ontroeren me.

De man legt de mol voorzichtig in zijn achterbak. Ik betaal hem € 5 en hij vertrekt. Vol schuldgevoel loop ik om het huis heen naar mijn grasveld. Was dit nu wel nodig? Zo’n mooi beestje! Dan kijk ik naar het grasveld.

De mol is vanmiddag gevangen. In de ochtend heeft hij nog 5 forse hopen geproduceerd. Die staan fier overeind naast de inmiddels 38 hopen die ik de laatste weken heb 'uitgeharkt'. Uitharken, dat is het advies van de mensen die het kunnen weten: laat molshopen niet ongemoeid, want je krijgt dan grote zwarte kale plekken in je gazon. Hark de hopen uit, verspreid de aarde over het omringend gras, dan kan je grasveld zich herstellen. Maar met inmiddels 43 uitgeharkte hopen is mijn grasveld een zwarte vlakte geworden... .

Mollen zijn nuttige dieren: ze beluchten de grond en consumeren schadelijke insecten. Ze werken hard om aan voedsel te komen. Zaten ze maar stil. Maar hun actieve en energievretende levenswijze maakt het nodig dat ze dagelijks de helft van hun lichaamsgewicht aan voedsel naar binnen werken. Regenwormen zijn in het zomerseizoen hun favoriet. Daarvan zijn er in mijn tuin heel veel... . In maart bouwt het mollenvrouwtje een kraamkamer. Die wordt bekroond met een extra grote molshoop. Stel dat je de kraamkamer uitharkt... . 

Om al deze redenen ben ik eerst begonnen met een ontmoedigingsbeleid. Er zijn immers allerlei manieren om een mol ertoe te verleiden dat hij of zij net even iets verderop gaat wonen.

Een ultrasoon apparaatje in de gangen. Mollen zouden dat vervelend vinden. Maar 'mijn' mollen niet, geen enkel effect.

Bloembollen waarvan de mol niet houdt, fritillaria’s bijvoorbeeld.
Planten op elke 7 meter in het vierkant. Daar ging mijn tuinontwerp maar toch geprobeerd. 'Mijn' mollen graven er gewoon omheen.

En ja, toen kwam de mollenvanger mij van een probleem afhelpen en een schuldgevoel rijker maken.

Catherine

Digitale krantversie Column 2014-38, 170914, pagina 2 

Naar Columns 2014