Column 2014-32 Lieveheersbeestjes

               IVN DRVU - Column Natuur Dicht Bij Huis
U kent ze vast wel, lieveheersbeestjes. Het zijn kleine kevertjes met vaak kleurige schilden waardoor ze erg opvallen. Van nature komen in Nederland ongeveer 60 soorten voor, die er allemaal anders uitzien.
Ze zijn vaak te herkennen aan hun kleur en het aantal stippen. De meeste soorten zijn roofdieren. Bladluizen zijn hun lievelingskostje.

Maar let op, het ene lieveheersbeestje is het andere niet. Sinds de jaren-90 van de vorige eeuw komt in Nederland ook het veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje voor. De naam zegt het al, er zijn een heleboel kleurvarianten. De kleur varieert van oranje tot rood of zwart met licht of donker met zwarte, rode, gele of witte stippen. Zie foto. 

Deze soort komt van nature niet in Europa voor maar werd ingevoerd en uitgezet als biologische bestrijder van bladluizen in land- en tuinbouw en in het openbaar groen (laanbomen).

Dat initiatief bleek in de loop van de tijd ook een nadeel te hebben.
Het veelkleurige Aziatische lieveheersbeestje is nogal agressief en vraatzuchtig; bij gebrek aan bladluizen staan er ook rupsen en vlindereitjes op zijn menu en ook andere soorten lieveheersbeestjes.
Natuurlijke vijanden had hij niet of nauwelijks in Europa. Ook nam hij een parasitaire schimmelziekte met zich mee waarvan hij zelf geen last had maar die dodelijk was voor de Europese soorten. Als gevolg van deze factoren verspreidde deze nieuwe soort zich snel. De inheemse Europese soorten hebben moeite zich te handhaven.

Maar er is hoop. Recent is uit onderzoek gebleken dat natuurlijke vijanden (schimmels, aaltjes en mijten) van de Europese soorten zijn ‘overgestapt’ naar de Aziatische nieuwkomer. Het effect daarvan is hopelijk dat de Aziatische soort zich minder snel kan uitbreiden, dat de verdringing van de inheemse soorten stopt en dat die zich weer kunnen herstellen.

Bovenstaande is een voorbeeld van hoe sterk het aanpassingsvermogen van de natuur is. Het kan even duren maar uiteindelijk stelt zich meestal een nieuw evenwicht in waarbij geen enkele soort de overhand heeft.

Het is onvermijdelijk dat we geregeld met nieuwkomers te maken krijgen in de Nederlandse natuur, ook zonder direct menselijk ingrijpen. Als gevolg van de opwarming van de aarde bijvoorbeeld, rukken diverse soorten uit het zuiden van Europa op naar het noorden. Een voorbeeld daarvan is de eikenprocessierups, een soort die geregeld overlast veroorzaakt vanwege z’n brandharen.

Ook in De Ronde Venen komt hij inmiddels voor. Maar ook bij deze soort zullen zich steeds meer natuurlijke vijanden aandienen, die bijdragen aan het voorkómen van aantallen die overlast veroorzaken.

Groeten van een IVN-er

Digitale krantversie Column 2014-32, 060814, pagina 9

Naar Columns 2014