De Oude IJsselstreek
Natuur
woensdag04jul2018

Reeën

Door: Carin Holtslag

Daar wil ik het eens met u over hebben. Deze elegante kleine hertjes kruisen tegenwoordig regelmatig mijn pad. Geen idee hoe dat komt. Zijn het er meer geworden de laatste tijd? Is het het weer? Of is het iets anders?

Op een mooie stille, iets bewolkte avond, loop ik over het fietspad onder aan de dijk. 
Het feit dat ik alleen ben beperkt de productie van lawaai en dat helpt (volgens mijn man) bij het zien van reeën.
Vanuit de haag langs de camping komt een reebok aan gewandeld. Hij steek met afgemeten stapjes het fietspad over en begint, schijnbaar moeiteloos, de dijk te beklimmen. Ineens ziet hij mij. Ik bevries, hij ook. Een hele tijd staren we elkaar in stilte aan terwijl bovenop het verkeer voorbij raast.  Ik zie hoe hij zijn zintuigen inzet om mij te beoordelen. Zijn neus beweegt licht en hij draait wat met zijn oren. Kennelijk ben ik niet bedreigend want hij vervolgt kalmpjes zijn tocht naar boven. Ik hou mijn adem in want ja, het is een drukke weg. Gelukkig komt er als hij boven is, niets aan en kan hij veilig over. 

Snel (nou ja, best wel snel) klauter ik ook tegen de dijkwand op en steek over. Het ree is ondertussen al afgedaald en staat aan de rand van een ongemaaid weiland. Hij kijkt om, ziet me en zweeft sierlijk over de draad . Met grote sprongen vervolgt hij zijn weg. Dan staat hij weer stil en kijkt om. Ik ga halverwege de dijkwand zitten maar hij heeft nu helemaal genoeg van mij. Hij draait zich om, springt in de richting van een haag en verdwijnt uit het zicht.

Reeën zijn dieren die overdag slapen. Ze zoeken daarvoor een plekje onder begroeiing met rugdekking, de wind in de neus én uitzicht naar drie kanten. Ze gaan daarbij ook nog eens slinks te werk. Ze lopen de gekozen rustplek eerst een eindje voorbij om dan evenwijdig aan het eigen spoor weer terug te lopen. Vaak herken je slaapplekken van reeën omdat ze die vrij maken van losliggende takjes en steentjes. 

IVN De Oude IJsselstreek: column van CarinReeën zijn echte knabbelaars. Kruiden, grassen, verse blaadjes van bomen en struiken, bessen en schors staan op het menu. Ze eten een beetje van dit, een beetje van dat en dan ook nog een hapje van zus en een stukje van zo. 


Dit voorjaar liep ik ’s avonds met mijn man over een van de nieuw aangelegde beukenlanen in de Byvanck.
De wind stond naar ons toe (belangrijk!) en aan het andere eind kwam een reebok tegen ons in lopen. We liepen rustig verder…. En tot onze stomme verbazing hij ook. Was dat beest gek of zo? Maar nee, hij was vooral druk. Als een winkelende dame stond hij elke paar stapjes stil om iets te bekijken, te besnuffelen of er een hapje van te nemen. Toen we hem tot een meter of 10 genaderd waren bleven we maar staan. Hij scharrelde geconcentreerd verder en zo konden we hem goed bekijken.  Dat roodbruine haar, die grote zwarte ogen, de elegante kleine hoefjes en die vochtige, zwarte neus ….een ree is werkelijk een schoonheid. 
Ineens keek hij op. Voelde hij onze blik? Even verstarde hij, toen draaide hij zich om en zocht(niet eens echt gehaast) de dichtere begroeiing op en verdween.

Afgelopen week liep ik er met mijn dochter en staken er twee voor ons het pad over. Tussen de bomen door zagen we hun sierlijke silhouetten afsteken tegen de lucht. Stil staarden we elkaar aan en toen maakten ze zich springend uit de voeten. Daarbij zag je duidelijk het wit oplichten van hun achterkantjes(de spiegel in jagerstaal). Zo kunnen ze elkaar bij slecht zicht goed volgen. 

Hun bronsttijd is in juli en augustus en later in oktober worden niet bevruchte geiten nog een keer bronstig.  De groei van het embryo blijft stil staan tot december zodat alle jongen eind mei begin juni geboren worden. De faunen (zoals ze zo mooi heten) liggen de eerste tijd verstopt in de begroeiing en worden een paar keer per dag door hun moeder gezoogd. Mocht u toevallig op zo’n diertje stuiten……..AFBLIJVEN! De moeder is nooit ver weg.

Afgelopen weken deden we excursies in de Lobberdense Waard voor de Rijnwaardense scholen. Een van de activiteiten was een jungletocht. Daarbij knipte ik ’s morgens van te voren een pad door de dichte begroeiing. Ineens klonk een schor blaffend geluid; als een hond die zware shag rookt. Maar ja, die bestaan niet. U raadt al wat het wel was; een ree en wel eentje die niet helemaal tevreden was met mijn aanwezigheid daar.
Een ander verrassend geluid dat ze maken is het “fiepen”. Hiermee comuniceren ze in de paartijd  en tegen hun jongen. Zoek maar eens op youtube  onder blaffende en fiepende reeën.

 

Foto's Jan van Alst en Marijke de Both