De Oude IJsselstreek
Overig
vrijdag30jun2017

Moeder Natuur...

Door: Carin Holtslag

Het is een snikhete dag. Ik zit te suffen onder onze pergola en kijk uit over onze vijver met daarom heen een zee van kakelbont bloeiende planten. Wat dat betreft ben ik een barbaar; hoe bonter , hoe beter. Bij mij vind je geen strak gestileerde perkjes. Als het maar bloeit en zoveel mogelijk insecten aantrekt. Want insecten betekenen én vogels én amfibieën én egels. Hoe “hebberig” kan een mens zijn?

Achter onze vijver staat in de tuin van de buren een prachtige papierberk. In het dichte gebladerte zie ik beweging. Er bungelt een pimpelmees en al gauw zie ik er nog een en nog een. Aha, kennelijk is er ergens in de buurt een nest uitgevlogen.

De meesjes zijn naarstig op zoek naar eten. En dat is zo eenvoudig nog niet:
Daar daalt er een af naar de vijver en probeert op het veenpluis te landen. Dat buigt natuurlijk direct door dus de mees helikoptert wanhopig boven het water en redt zichzelf door op een steen te landen. Een ander fladdert heftig rond de top van een spirea en tuimelt wild met de vleugeltjes slaand dieper in de plant als blijkt dat de landingsplaats niet “mees bestendig” is.

Een ander waagt de oversteek naar de pergola. Ik blijf ademloos zitten. Het verenballetje zit argeloos op nog geen armlengte afstand van me op een tak van de blauwe regen. Ik zie het ragfijne snaveltje, het groengeel van zijn veertjes en het glimmen van het zwarte kraaloogje. Hij pikt naar een bloemsteel en trekt die op. Helaas, nee het is niet eetbaar. Hij hupt over de kronkeltakken tussen de bladeren en pikt in een bladknop. Bah, ook al niet. Ik zie hem draaien met zijn kopje en bedenken wat hij nu nog eens zal proberen. Er klinkt een zacht piepje en hij merkt een van zijn broertjes (of zusjes) op die de appelboom in duikt en hij flappert er achter aan.

Als je dat zo bekijkt is het niet verwonderlijk dat er veel jonge mezen sneuvelen in deze periode.
Ze weten nog niet goed wat wel en niet eetbaar is, ze landen vooral “per ongeluk” en ze lijken ook nogal argeloos. Voer voor de kat dus.

Mezen krijgen nogal wat jongen en dat is dus niet voor niets. Er zullen er heel wat sneuvelen door dommigheid of overmoed, door honger of kou of ziekte of botte pech.

Ja, ja “Moeder” Natuur.  Als ik me zo hardvochtig zou gedragen zat ik al lang in de gevangenis.

IVN De Oude IJsselstreek column van Carin Voor andere columns van Carin klik hier.