2017 01 Baardmannen, smienten en koeten, Henk Breij

Op een koude vrijdag in Januari stap ik op de fiets richting Middelpolder om te zien of er nog leuke vogels zitten. Vorige winter waren er Baardmannetjes te zien en af en toe wordt er een Roerdomp waargenomen. Eigenlijk had ik hier Baardmannen moeten typen, want dat is sinds een aantal jaren de officiële naam. Maat net zoals bij het Winterkoninkje, kan ik maar niet wennen aan die nieuwe namen. Winterkoning voor een van de kleinste vogeltjes van ons land! Zo blijft de Gaai voor mij de Vlaamse Gaai, want dat doet me weer denken aan de mooie herkomst van zijn naam. Alleen de gefortuneerde Vlaamse schilders konden zich het gebruik van die mooie lichtblauwe kleurstof veroorloven, precies de kleur van dat zeldzaam mooie veertje in de vleugel van de Gaai. Deze kleurstof werd namelijk gemaakt van dure halfedelstenen, Lapis Lazuli genaamd. Maar ik dwaal af, waar was ik ook al weer gebleven?

De Baardmannetjes en de Roerdomp laten zich niet zien, dus fiets ik verder naar de Bovenlanden, langs de waterzuivering en zie een sloot vol Smienten, badend in mooi gestreken winterlicht. Behoedzaam stal ik mijn fiets tegen een knotwilg en haal het statief van de bagagedrager. Ik monteer secuur de telelens op mijn fotocamera en wil het geheel op de statiefkop schroeven. Als ik even check of de Smienten er nog zijn, zie ik tot mijn schrik dat de gehele sloot leeg is, op een paar meerkoeten na. Enigszins verward kijk ik om me heen. Hoewel het monteren van de lens een precies klusje is kan ik toch nooit het wegvliegen van een hele groep Smienten gemisAmstelveen smientt hebben. Net als ik in mijn hoofd op zoek ben naar een passende krachtterm duikt de hele groep Smienten weer op. Krijg nou wat. Ik schiet wat foto’s van te grote afstand en opeens duikt de hele groep weer onder water. Een stukje verderop in de sloot werden enkele smienten belaagd door een meerkoet, die zijn spreekwoordelijk intolerantie bij dit mooie winterweer maar weer eens liet zien. Als de belaagde smienten onder duiken is dat een teken voor de gehele groep om ook dekking te zoeken onder het wateroppervlak. Tijdens de fotosessie zie ik dit fenomeen nog een aantal keren plaats vinden. Voetje voor voetje kom ik dichter bij de sloot. Als je de eenden de tijd geeft om aan je te wennen kun je ze tot op een meter of tien naderen. Als ik tot op het bot verkleumd na een uur mijn spullen weer in pak heb ik een aardige collectie foto’s gemaakt, zelfs een paartje Krakeenden zwemt op korte afstand voorbij. Voordat ik op de fiets stap zie ik nog één keer alle smienten onder duiken, alleen de Krakeenden doen niet mee, die kennen hun Pappenheimers.

Henk Breij
Natuurgids IVN Amstelveen

Het is verboden deze column te dupliceren of te gebruiken zonder uitdrukkelijke toestemming van de schrijver/fotograaf/tekena(a)res.